
“Zoiets heb ik in België en Nederland nog niet gezien”: onze man bezocht het gloednieuwe trainingscomplex van KRC Genk
Een (klein) jaar voor de definitieve oplevering van het gloednieuwe trainingscomplex van KRC Genk, mocht de pers al eens een kijkje gaan nemen. Het belooft een indrukwekkend state-of-the-art trainingscentrum te worden.
Indrukwekkend. Dat woord is toch wel op zijn plaats om het nieuwe trainingscentrum van KRC Genk – officieel het H.Essers Training Center – te omschrijven. Het kostenplaatje ligt niet voor niets op ongeveer 20 miljoen euro. De ruwbouwwerken zijn vandaag voor 99% voltooid, en dus mocht de pers woensdagnamiddag al eens een kijkje komen nemen. Een klein jaar voor de definitieve oplevering van het gebouw. Het einde van de werken zou immers gepland zijn voor de tweede helft van september 2026. Waarna de club er tijdens de winterstop van volgend seizoen zou kunnen intrekken.
Ruime indoorhal
Naast een ruime inkomhal en een auditorium – waar de videoanalyses zullen worden gepresenteerd en plaats biedt aan zo’n 50 personen – wordt het gelijkvloers toch vooral gedomineerd door een ruime indoorhal. Een grote fitnessruimte, zo je wil. Een plek waar dan ook fitnesstoestellen zullen komen te staan en waar ook de kinesisten van de club zullen werken. Er is zelfs een zone van 60 meter lang voorzien, die spelers kunnen gebruiken om ook bij slecht weer hun loopoefeningen te kunnen doen. Tijdens de sessies in die indoorhal hebben de spelers ook een perfect zicht op de drie voetbalvelden, die zich aan de achterkant van het trainingscentrum bevinden.
Twee van de drie trainingsvelden – die overigens verwarmd zijn – hebben bovendien identiek dezelfde afmetingen van het veld in de Cegeka Arena. En ook het derde veld is qua omvang nog altijd wedstrijdgereglementeerd. De drie oefenterreinen bestaan uit hybride gras, wat dus wil zeggen dat het gaat om een combinatie van echt en kunstgras.
Ecologisch
Het trainingscomplex is daarnaast ook ecologisch. Zo zal een deel van de voorkant van het gebouw bestaan uit de heide, die kenmerkend is voor het gebied. Alleen de oefenvelden zijn niet 100% milieuvriendelijk. Om de terreinen tijdens de winter te verwarmen, is er namelijk nog een gasleiding nodig.
Wie daarnaast nog op de voetbalvelden uitkijkt, zijn Head of Football Dimitri de Condé en trainer Thorsten Fink. Hun kantoren zijn gestationeerd op de eerste verdieping en hebben zowel een uitzicht op de terreinen, als op de indoorhal. Verder op de bovenverdieping is er onder meer nog een eet- en ontspanningsruimte. Maar sportief gezien bevinden zich de meest belangrijke ruimtes beneden.
Naast een ruime kleedkamer krijgen de spelers op het gelijkvloers immers ook een ruimte ter beschikking, die zal bestaan uit twee jacuzzi’s en een verstelbaar zwembad van 6×3 meter. Baantjes trekken zullen de spelers dus niet doen, het bad zal eerder als herstelmiddel gebruikt worden na de trainingen. In die ruimte zal de temperatuur ook steevast tussen de 26 en 28 graden Celsius schommelen. Daarnaast zijn ook een infraroodsauna en een ijsbad voorhanden. Met andere woorden: de spelers zullen in het nieuwe trainingscomplex kunnen trainen in unieke omstandigheden, met alle voorzieningen omhanden.
Nieuwe stap
“Maar de trainingsfaciliteiten die we nu hebben, zijn ook niet slecht. Maar ze zijn wel 30 jaar geleden gebouwd”, aldus CEO van KRC Genk Luc Hooyberghs, die ook aanwezig was. “Dit moet de komende 30 jaar vertegenwoordigen. Ik wil niet vergelijken met andere landen, maar zoiets als dit heb ik in België en Nederland nog niet gezien. Op deze manier zetten we opnieuw een heel grote stap als club. Om een stabiele topper te zijn in België en Europees een bepaald niveau na te streven, moeten er heel veel dingen kloppen. Zo gaan we de club omvormen van een vzw naar een nv om op financieel vlak te blijven groeien. Maar we blijven in se een voetbalclub, met als doel goed voetbal te brengen om bepaalde prestaties te leveren. Met dit trainingscentrum willen we op die manier een omgeving creëren, waarin de spelers elke dag het beste van zichzelf willen en kunnen geven. En zo willen we in totaliteit verder blijven uitgroeien tot de topclub die we kunnen zijn.”
Bron: Het Belang Van Limburg, 19 november 2025